Bij de tandarts

De hele ochtend liep ze al met een steen in haar maag. Alhoewel: als ze eerlijk tegen zichzelf was, dan had ze eigenlijk al de hele week de zenuwen. Een bezoek aan de tandarts was alles behalve haar favoriete bezigheid. Waarom? Dat wist ze eigenlijk niet, haar tandarts was een lieve vrouw die eerder te voorzichtig was, dan dat ze haar pijn deed. Toch: de gedachte aan een behandeling maakte haar nerveus en misselijk. Nagelbijtend zat ze nu op de lange leren bank van de wachtruimte.

In gedachte verzon ze gebeurtenissen waardoor het allemaal een keertje niet door zou kunnen gaan. Een brand, een hartaanval bij de oudere vrouw iets verderop de bank, of desnoods het uitvallen van de elektra in de wijk. Ze zag zich al lachend bij de balie staan: ‘Oh geeft niet hoor, ik sla wel een half jaartje over’.

Haar gedachten werden ruw verstoord. Uit de behandelkamer kwam het geluid van een boor. Ze had het wel eens eerder gehoord, toen ze hier zat. Maar nog nooit zó hard. Het kippenvel stond op haar rug. ‘Nog ietsjes verder’, hoorde ze iemand zeggen. Het geluid nam toe. Ze voelde het bloed uit haar gezicht trekken, haar maag draaide zich om. Het boren ging maar door. Het wachten was op een ijzige kreet of het geluid van de sirene van een ambulance.

Daar ging ze echt niet op wachten. De paniek nam toen. Ze stond op en wilde weglopen. Maar op dat moment opende de deur van de behandelkamer. ‘Ah Mildred, je bent net aan de beurt’. Met knikkende knieën liep ze naar haar arts. Ze gaf een zweterige hand. De tandarts lachte beleeft: ‘Sorry voor het lawaai, ze hangen nieuwe lampen op’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.