De vreemde wereldreiziger: part 11

Daarom had Alex het ook altijd zo jammer gevonden dat hij die erkenning niet kreeg. In plaats van zijn succesvolle trainer de credits te geven van het succes, nam Roman alles zelf aan. Hij voelde zich de architect van het gouden CSKA, zoals de fans het noemden.

Tuurlijk, daar zat een kern van waarheid in. Want zonder geld had Alex nooit al die talenten kunnen kopen. Maar goed. Zonder zijn oog voor talent had Abramovich geluisterd naar die ouwe tang van een Piet de Visser. Een man met een geweldige voetbalkennis, maar ook eentje die nog altijd teert op zijn ontdekkingen van het verleden.

Alex moest altijd lachen wanneer hij in gesprek was met Piet. Een mooie aimabele man, maar ook een met een gebruiksaanwijzing. Wanneer je hem liefkozend aankeek en af en toe om zijn boekje vroeg, at hij uit je hand. Maar wee je gebeente wanneer je aangaf een talent al jaren te kennen, in zulke gevallen werd hij witheet.

Opeens schrok Alex uit zijn gedachten. De portier van de Rolls, die hem van het vliegveld had opgehaald, ging open. Ze waren er. Bij het ‘paleis’ van Roman. Zijn onderkomen, dat leek op een villa, maar meer weg had van een heus fort.

Een man zo groot als een klerenkast deed de deur open. Alex herkende hem meteen. ‘Hoi Igor, goed je weer te zien. Dat is lang geleden he?’ Igor zei niets, snoof wat en maakte een handgebaar dat Alex op moest schieten. De Italiaan deed maar wat de norse Rus zei. Met zo iemand moet je echt geen ruzie krijgen. Dat wist hij maar al te goed.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.