Gegroet

Wat hebben buschauffeurs, politieagenten en motormuizen met elkaar gemeen? Ze groeten elkaar. Buschauffeurs seinen met hun lichtje, agenten knikken naar elkaar en motorrijders steken hun hand uit. Wielrenners? Die doen dat niet meer, kwam ik van de week achter.

zwaaien

In een ritje van een uurtje of twee kwam ik zaterdagochtend ontzettend veel wielrenners tegen. Het zonnetje scheen, dus iedereen schoot het asfalt op. Met een ochtendhumeur, blijkbaar. Want groeten? Dat doen we echt niet hoor. Geen ‘goeiemorgen’, geen handje omhoog, zelfs een knikje kon er niet vanaf. Is het omdat het de Randstad is? Zie ik er soms onaardig uit? Ik heb geen idee.

Van oudere renners hoor ik altijd dat het vroeger wel gedaan werd. Altijd kreeg je een knik terug. Hoe stuk je ook zat, hoe hard het ook regende. Een lotgenoot groette je. Maar tegenwoordig is dat niet het geval. Zelfs de oudere renners lijken oogkleppen op te hebben.

Vandaar een noodkreet. Een roep om hulp. Want groeten: dat hoort erbij. Het is onderdeel van de wielererecode. Respect voor elkaar en voor de prestatie van een ander. Hierbij roep ik elke renner op: praat, steek je hand uit of knik. Gewoon. Omdat het hoort.

2 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.