Het gouden schrift

‘Pssst’, de jongen achter hem stootte hem aan. ‘Willem, Jeroen, opletten!’, bulderde de leraar. Normaal gesproken was Jeroen in het verweer gekomen. Hij hield niet van onrecht: en in deze situatie was hij niet de schuldige. Toch hield hij zijn mond. Hij kende de leraar, wist dat hij binnen een paar minuten met een rode kaart op de gang stond. En: dat hij de rest van de middag papiertjes stond te prikken in de bosjes langs het schoolgebouw.

gouden boekje

Met deze leraar maakte je geen grappen. Bromsnor noemden zijn meeste leerlingen hem. Toen hij dat thuis een keer vertelde, had zijn moeder hard gelachen. Ze vertelde dat Bromsnor een personage was uit een van haar jeugdseries. Jeroen had hem gegooglet, maar de man bleek niet op zijn leraar te lijken. De enige overeenkomst was de grote snor en de lage stem. Iedereen op school was een beetje bang voor hem. Jeroen niet. Hij was een durfal, vond het vaak leuk om tegen de macht in te gaan. Beetje irritant doen, aandacht vragen. Daar hielden de meisjes ook van, dat wist hij. Maar vandaag hield hij zich koest. Hij wist namelijk waarom Willem in zijn rug zat te poeren.

Willem was namelijk in het bezit van het gouden schriftje. Het ding zelf stelde geen drol voor. Gekocht bij de Hema voor 1 euro. Maar de inhoud van het boekje was als de cover: goud. Het schrift ging van klas naar klas en iedere Football Manager mocht er wat inschrijven. Geniale talentjes, gouden tactieken en andere slimme vondsten. In de pauze had hij gehoord dat het boekje een oplossing bracht voor alle problemen op FM-gebied. Dipjes verdwenen als sneeuw voor de zon, lekke verdedigingen werden in beton gegoten en rode cijfers verkleurden bijna meteen naar het zwart van winst.

Nu was het Jeroen zijn beurt om het schriftje in ontvangst te nemen. Hij zou de hele avond alle mogelijke opties uitproberen om zijn team weer aan de praat te krijgen. De afgelopen maanden speelde hij met Telstar. Hij had de Witte Leeuwen van de bodem van de Jupiler League naar het ereschavot van de Eredivisie geleid. Het leek een droomspel te worden. Een savegame waar hij maanden over na zou praten. Tot het moment waarop PSV een geldschieter kreeg. Zijn team wist geen landstitel meer te halen. Zelfs de Dennenappel ging naar de lichtstad. Maar dit schriftje ging hem er weer bovenop brengen.

‘Pssst’, Willem poerde nogmaals in zijn rug. Jeroen kreeg kippenvel, hoopte dat Bromsnor hen niet in de gaten kreeg. Hij deed zijn hand achter zijn stoel, griste het schrift uit de handen van zijn klasgenoot. ‘Kuch kuch’, Bromsnor stond naast hem. ‘Wat heb jij in je hand?’ hij pakte het schrift, bladerde wat en nam hem mee naar zijn bureau. Daar opende hij zijn lade en pakte er een rode kaart uit. Jeroen wist wat dat betekende.

‘Dit is geen wiskunde Jeroen. Dat weet jij dondersgoed. Ga je maar melden bij de conciërge. Dat schrift krijg je vrijdag na school pas terug.’ Jeroen pakte zijn tas in, liep naar de leraar en greep de rode kaart uit zijn handen. Niet zonder zo vuil mogelijk te kijken. Op de gang zuchtte hij diep. Over drie dagen zou hij het gouden schrift pas terugkrijgen. Hij liep naar de conciërge, en gaf hem de rode kaart. De oudere man glimlachte en gaf hem de kaart terug: ‘Veel plezier’.

Jeroen was met stomheid geslagen, pakte de kaart aan en las wat er op geschreven stond. ‘Beste Jeroen. Scout eens bij Boca Juniors. Dat lost alle problemen op. Doe het maar in de tijd waarin je normaal gesproken had moeten prikken. Groet Johan.’ Jeroen lachte. Hij mocht die Bromsnor wel.

Dit verhaal was voor de schrijfwedstrijd van Managers United.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.