Hoi of doei?

Ik trek mijn jas aan. Pak mijn tas in. Het werk is gedaan, het is tijd om naar huis te gaan. Ik groet mijn nog doorwerkende collega’s en loop naar de draaideur om naar de parkeerplaats te gaan.Net als ik de draaideur wil instappen, komt er een collega met avonddienst het pand binnen. ‘Doei’, groet ik hem. Maar op precies hetzelfde moment zegt hij ‘hoi’. Even kijken wij elkaar ietwat ongemakkelijk aan. ‘Ja, ik ga naar huis’, meld ik. ‘En ik ga nu pas aan de slag’, lacht hij terug.

Gek genoeg gebeurt het een week later weer. Dit keer loop ik het gebouw binnen, als een collega gaat. ‘Hoi, goedemorgen’, zeg ik. ‘Doei, werk ze!’, meldt zij mij. Opnieuw een verwarrend moment. Want wat zeg je nou eigenlijk? Zeg je ‘hoi’, ‘hallo’ of ‘goedendag’ als je iemand voor het eerst die dag ziet? Of kun je dan ook gewoon ‘doei’, ‘dag’ of ‘werk ze!’ zeggen?

De weken daarna merk ik dat het iedere keer een aparte gewaarwording is. Daarom mijn besluit om voortaan gewoon ‘goedemorgen’, ‘goedemiddag’ of goedenavond’ te zeggen. Een perfect plan, want iemand iets goeds wensen kan op alle momenten van de dag.

Toch twijfel ik nu weer. Een collega groette deze week met ‘hoi’, toen hij naar huis ging. Want ja: dat kan ook. ‘Hoi’ is behalve een groet ook een synoniem voor ‘doei’ en kan dus zowel bij binnenkomst als afscheid.

Verwarrend hoor, dat groeten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.